fiets moppen

Deze week FIETSEN

Een motorrijder rijdt heel hard over een dorpsweg en snijdt onderweg een oude man op een fiets bijna de weg af.
Echter; even later wordt hij ingehaald door de oude man op de fiets.
Dat kan toch niet, denkt de motorrijder en hij geeft nog wat extra gas en haalt het oude kereltje weer in. Maar even later gaat de oude man hem weer voorbij.
Dit wordt te gek, denkt de motorrijder en hij stopt op een parkeerplaats. De oude man op de fiets stopt naast hem en zegt:
“Fijn dat u stopt. Mijn bretels zitten namelijk aan uw motor vast!”

Bert wil langs de mensen die voor het fietsen rijden. Maar……Bert heeft geen bel op de fiets!
Dus Bert roept “tingelingeling!!!!”
De mensen zeggen tegen Bert: “Hé joh, kun niet fatsoendelijk bellen”?
Bert roept :”Ja hoor; geef je nummer maar!”

In het vroegere Kongo had een westvlaming een bedrijf. Met het vele werk kon hij niet anders dan enkele negers te werk te stellen. Maar die negers verstonden niets van wat hij hen oplegde, dus vroeg hij aan een pater die daar als zendeling was om hen een beetje vlaams te leren. Zo gezegd zo gedaan, ze wandelen in het woud rond en zien een olifant. De pater zegt: “Dit is een olifant.” En alle negers enthousiast: “een olifant!” “Dit is een tijger.” Alle negers: “Dit is een tijger.” Dit gaat een tijdje goed totdat ze plots een vrijend koppel tegen komen.” De pater zegt, enigszins opgelaten om het tafreeltje: “Hij rijdt op z’n fiets.” Alle negers: “Hij rijdt op zijn fiets” Ze wandelen verder. Even later weer een vrijend koppeltje. En wederom spreken alle negers: “Hij rijdt op zijn fiets.” Echter: één van die negers gaat ernaar toe en prikt met z’n speer tussen de billen van de man die aan het vrijen is.” “Nee, nee”, roept de pater niet doen, dat mag niet!” Zegt de neger: “Ja mag wel….is mijn fiets!”

Een man is zijn fiets kwijt. Hij gaat naar de pastoor en vertelt hem dat zijn karretje naar alle waarschijnlijkheid is gestolen. Daarom vraagt hij de pastoor of hij in zijn preek van aanstaande zondag de tien geboden aan de orde wil stellen. Bij het gebod, “Gij zult niet stelen”, zal de man dan goed rondkijken of een van de kerkgangers zich soms verraadt door een kop als vuur van berouw en schaamte te krijgen. Hij zou dan de eventuele fietsendief kunnen zijn. Zo gezegd, zo gedaan. De pastoor houdt een hele preek over de tiengeboden en de man kijkt bij het desbetreffende gebod de kerk rond……

Een tijdje later ontmoeten de twee elkaar opnieuw. De pastoor is natuurlijk benieuwd of de fiets inmiddels terecht is.
“Dat zal ik u vertellen, meneer pastoor. Toen u afgelopen zondag bij het gebod, “Gij zult geen andere vrouwen begeren was gekomen, toen herinnerde ik me ineens weer waar ik mijn fiets had laten staan.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s