trein

De trein wordt ook internationaal veel bezongen:

Guus Meeuwis – Per Spoor 

 

Albert Hammond – I’m A Train

 

 

Cabaret Catharijne College – Vertraging van de trein

 

trein


In “het Spoorboekje” staan verschillende uitspraken en ludieke voorvallen die conducteurs, spoorwegpersoneel en stationsmedewerkers tijdens hun werk meemaken.
Vandaag enkele van deze lachwekkende meemakertjes:

 

Twee meisjes op ’n perronbankje onder een spoorvertrekstaat:
“Moeilijk hoor die tijden”
“Nee hoor, niks an.”
“Nou, hoe laat is dan 16 uur 27?”
“Nou, luister: 16 uur 25 is vijf voor half vijf. 16 uur 27 is dus 7 voor half vijf!”

 
Gehoord van een collega op station Zl. We staan te wachten voor ‘onze’ trein Zl-Rsd als er een dame op ons af komt gelopen met de vraag: “Welke trein gaat naar Nijmegen?”. Waarop mijn collega doodleuk antwoord: “Die gele mevrouw”. Het gezicht van de dame zal me altijd blijven heugen.

Gehoord in de trein:
Reiziger: “Conducteur gaat U over Leiden?” (overlijden)
Conducteur: “Dat is wel de bedoeling, maar waneer weet ik niet. Ik hoop over een jaar of 60”.

Tijdens de controle is het altijd leuk om bij groepjes dames die op een meerman’s kaart reizen ze mede te delen dat de vvb’s niet geldig zijn.
Algemene paniek is meestal het geval.
Daarna mededelen dat je het voor deze keer door de vingers ziet maar dat ze de volgende keer om een meervrouw’s kaart moeten vragen.

 
Conducteur tijdens de controle. Een reiziger zegt: “Ik ben al geknipt door Uw collega.”
“Ik zie het meneer, het zit leuk!”
 

Vaak vragen reizigers: “Is dit Amsterdam?”. Conducteur antwoord dan met: “Nee, dit is een trein.”

 Reiziger: “Gaat u naar Utrecht?”
Conducteur: “Nee mevrouw, ik ga naar huis.”

 
 

trein

Twee verschillende items vandaag.
Allereerst:


Speciaal voor zij grote fans: Lars, Austin, Jarno, Tren,Levi, Siebe en Michel (en alle andere klein medebloggers) een aflevering van:

Thomas de Stoomlocomotief – Thomas en Gordon

En voor hen die zich op een andere manier willen verpozen:
 
 
 van de FYRA
 
 
 
 
 
 
 

trein

Iedere maand een vorm van vervoer,,,, 
De week: de trein 


Jeroentje zit in de trein. Hij is moe en gooit zijn benen op de stoel voor hem. Dan komt de conducteur eraan. Deze zegt tegen Jeroentje: “Zeg, haal jij eens even je smerige voeten van de bank, of doe je dat thuis ook altijd?” Waarop Jeroentje antwoord: “Nee meneer, thuis hebben wij geen trein!”

Er zit een klein kereltje in de trein. Tegenover hem zit een boom van een kerel. “Kunt u mij zeggen wanneer deze trein in Breukelen stopt?” vraagt het kleine mannetje.
“Deze trein stopt helemaal niet in Breukelen”, zegt die grote kerel, “dit is de sneltrein naar Utrecht, die rijdt het station van Breukelen gewoon voorbij.” “Lekker is dat”, zegt het mannetje, “ik heb een belangrijke afspraak in Breukelen. Die loop ik nou mooi mis.” “Dat hoeft niet”, zegt die grote kerel, “bij het station van Breukelen wil ik je wel aan je kraag buiten het raampje houden, boven het perron. Als jij dan zorgt dat je de snelheid van de trein krijgt, dan laat ik je los.” “Zou u dat willen doen?” vraagt het mannetje. Tuurlijk”, zegt de kerel.Zo gezegd zo gedaan. De kerel houdt het mannetje uit het raam bij Breukelen, het mannetje loopt hard over het perron mee en wordt losgelaten. Als de grote kerel in Utrecht uitstapt, ziet hij daar ineens het kleine mannetje weer lopen. “He”, zegt hij, “ik had je in Breukelen toch uit de trein gelaten? Wat doe jij nou hier?” “Zal ik je vertellen”, zegt het mannetje. “Ik loop in Breukelen over het perron lekker uit te lopen. Zit er in de laatste coupe een vent die denkt dat ik de trein moet halen. En die heeft me d’r weer ingetrokken.”

Een man zegt tegen de psychiater: ‘Ik ben het leven moe, ik ga mezelf voor de trein gooien.’ Zegt de psychiater :’Ik heb U toch altijd verteld dat U een positieve draai aan Uw leven moet geven en aan alle dingen in het leven.’ ‘Inderdaad’, zegt de man, ‘daar heeft U gelijk in. Ik zal het anders zeggen, ik ga mijn leven op de rails zetten.’